doopviering

Deze doopviering wordt gebruikt waarin de verschillende families een eigen inbreng kunnen doen. De doopcatechist zal met u, als ouders van de dopeling, hierover de nodige afspraken maken.

DOOPVIERING

Verwelkoming.

Catechist:

Beste ouders, meters en peters, familieleden en vrienden, welkom in deze viering.

Een warm welkom ook aan de kindjes die we hier vandaag gaan dopen,.

Welkom op onze kleine planeet.

Kom rusten aan het hart van een lieve moeder

en laat je wiegen in de armen van een lieve vader.

Ik wens jullie geen rijkdom toe.

Ik wens jullie alleen maar liefde toe,

dan heb je alles wat nodig is

om een gelukkig mens te worden.

 

Ouder:

Dagelijks worden er kinderen geboren.

Je staat er nauwelijks bij stil, tot het jezelf overkomt.

“Als een kindje geboren wordt, beweegt de wereld”,

zegt een oud Chinees spreekwoord.

En dat is ook zo: alles staat op zijn kop.

De mens zelf staat op zijn kop:

ondersteboven komt hij de wereld binnen,

hij duikt erin, kopje onder.

Een kind het leven schenken, het opnemen en opvoeden, behoren tot de grootste levenservaringen,

én van de man, én van de vrouw.

Het is een levensopgave die ze samen te dragen hebben, die hen gaat omvormen en de kans biedt

rijkere mensen te worden.

 

Voorganger:

Wees dan ook welkom en gezegend in Gods naam.

Zo zijn we hier samengekomen:

in de naam van de Vader, de Zoon en de heilige Geest. Amen.

 

Gebed.

Heer, onze God, wij zijn hier samen gekomen

voor de doop van deze kindjes.

Wij bidden om uw zegen over dit nieuwe, jonge leven.

Wij danken U voor de vreugde die deze kindjes

ons zullen geven en voor het geluk van de ouders.

Daarom is ons gebed, een gebed vol vertrouwen

want Gij hebt ons bemoedigd en blij gemaakt.

Gij zult ons behoeden en deze kindjes beschermen,

alle dagen van ons leven. Amen.

 

Naamgeving.

 

Catechist:

Een pas geboren kindje is zo klein, zo hulpeloos.

Het is zo afhankelijk van de zorg van zijn mama en papa.

Aanvankelijk kiezen zij zoveel in de plaats van hun kind:

een thuis, een wiegje, eten, kleertjes, speelgoed en zoveel meer.

Zij kiezen ook een naam.

Een eigen naam waarmee het kind door iedereen zal worden aangesproken.

Het draagt die naam zijn hele leven met zich mee.

Het maakt het kind tot een unieke mens,

onderscheiden van alle anderen.

Het maakt het kind ook uniek in de ogen van God.

 

Voorganger

Ieder mens mag een naam hebben,

dus ook deze kinderen.

Met welke naam willen jullie dat je kind gekend zal zijn in onze gemeenschap?  En waarom?

 

Ouders noemen de naam van hun kindje: 

We kozen deze naam omdat:………….(ouders vullen verder in)

 

Voorganger   (tot ieder kindje afzonderlijk)

N…, uit vele namen kozen uw ouders deze naam.

Het wordt jouw eigen naam.

Zo zullen wij je kennen, je roepen en van je houden.

Een naam geeft verbondenheid van mens tot mens.

Een naam:

om je te noemen en te koesteren,

om je te roepen en te doen groeien,

om je te kennen en te beminnen,

omdat je steeds meer jezelf zal worden.

Dat mensen van je mogen houden, onnoemlijk veel…

N…, mag jouw naam geschreven staan in de palm van Gods hand.

 

Bereidheid

Voorganger

Beste ouders,

Wat verlangen jullie voor N….?

 

Ouders:

Wij verlangen dat N…. door het doopsel opgenomen wordt in de kerkgemeenschap van God.

Voorganger:

Beste ouders, jullie zijn ongetwijfeld bewust

van de verantwoordelijkheid die jullie hiermee op je nemen.

Jullie willen je kindje opvoeden in het christelijk geloof,

en het te leren leven naar Jezus voorbeeld:

God en de naaste lief te hebben zoals Jezus ons dat heeft geleerd

Zijn jullie bereid je hiervoor in te zetten?

 

Ouders:

Ja, wij zijn daartoe bereid.

Samen hebben wij er over nagedacht en gesproken

hoe wij dit willen waar maken.

 

Voorganger:

Beste ouders, jullie staan niet alleen voor deze taak;

jullie hebben een meter en een peter gekozen.

Zij hebben ook een taak.

Willen jullie hier vandaag

de bredere kerkgemeenschap vertegenwoordigen

en getuigen zijn van het doopsel?

 

Peter en meter:

N…

Jij bent ons doopkind.

Dit wil niet alleen zeggen dat jij een nieuwjaarsbrief voor ons zal lezen

en wij je dan een cadeautje geven.

Wij willen je ook bewust begeleiden op je weg door het leven,

je helpen zoeken naar het goede voor jezelf en voor de anderen.

Wij willen meehelpen aan je christelijke opvoeding.

Ja, wij nemen deze taak graag op ons.

 

Kruisje. (ouders komen met hun kindje naar voor)

 

Voorganger:

Op je kleine voorhoofd zal ik je een kruisje geven.

Een kruisje van Jezus.

Het nodigt je uit om in dit leven, dat nog helemaal voor je open ligt,

mee te bouwen aan een mooie toekomst.

Het nodigt je ook uit om anderen bij te staan in hun zoektocht naar geluk.

Opdat je in het leven veel goede mensen mag ontmoeten, teken ik jou:

In de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.

 

Wij nodigen jullie uit dit gebruik in ere te houden en elke avond aan N… een kruisje te geven

 

Iedereen die het wenst mag nu ook N….een kruisje geven met de woorden: ‘N….God zegene en beware je ‘

Lezingen uit de H. Schrift. (  5  keuzemogelijkheden)

  1. Uit de brief van Paulus aan de Galaten. (3,26-28).

 

Het doopsel verenigt uw kind met Jezus Christus. Samen met alle andere gedoopten is het lid van eenzelfde christelijke gemeenschap, bezield met zijn Geest.

 

Broeders en zusters,

Gij zijt allen kinderen van God door het geloof in Christus Jezus.

De doop heeft u allen met Christus verenigd,

gij hebt Hem aangetrokken als een kleed.

Er is nu geen sprake meer van Jood of heiden,

slaaf of vrije, man of vrouw:

allen te samen vormt gij één persoon in Christus Jezus.

 

  1. Uit het evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus. (1,9-11)

 

Toen Jezus in de Jordaan werd gedoopt kwam een stem uit de hemel: “Gij zijt mijn Zoon, mijn Veelgeliefde.” Wanneer uw kind wordt gedoopt zegt God ook tot uw kind: “gij zijt mijn kind, mijn veelgeliefde.”

 

In die tijd trok Jezus uit Nazaret in Galilea en liet zich in de Jordaan door Johannes dopen.

En op hetzelfde ogenblik dat Hij uit het water opsteeg, zag Hij de hemel openscheuren

en de Geest als een duif op zich neerdalen.

En er kwam een stem uit de hemel: “Gij zijt mijn Zoon, mijn veelgeliefde.

In u heb Ik welbehagen.”

 

  1. Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus. (10,13-16).

 

Jezus houdt van kinderen. Dit blijkt uit dit Evangelieverhaal. Tijdens deze doopviering weerklinkt de uitnodigende stem van Jezus “Laat uw kind bij Mij komen.”

 

In die tijd brachten de mensen kinderen bij Jezus met de bedoeling dat Hij ze zou aanraken. Maar bars wezen de leerlingen ze af. Toen Jezus dat zag, zei Hij verontwaardigd:

“Laat die kinderen toch bij Mij komen en houdt ze niet tegen. Want aan hen die zijn zoals zij, behoort het Koninkrijk Gods. Voorwaar, Ik zeg u: wie het Koninkrijk Gods niet aanneemt als een kind zal er zeker niet binnengaan.”

Daarop omarmde Hij ze en zegende hen terwijl Hij hun de handen oplegde.

 

  1. Uit het heilig evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Lucas. (9,46-48).

 

Op een dag begonnen de leerlingen onderling te redetwisten over wie van hen de belangrijkste was. Jezus merkte wat hen bezighield en hij nam een kind bij zich, dat hij naast zich neerzette. Hij zei tegen hen: “Wie dit kind in mijn naam bij zich opneemt, neemt Mij op. En wie Mij opneemt, neemt Hem op die Mij gezonden heeft. Want wie de kleinste onder jullie allen is, die is werkelijk groot.” Tot zover de woorden uit de Blijde Boodschap

 

  1. Uit het heilig evangelie van Jezus Christus volgens Lucas. (15,4-10)

 

Er was eens een herder die op een heleboel schapen moest passen. De kudde telde wel honderd dieren. De herder trok iedere dag met zijn schapen naar de grote weide. Daar konden ze naar hartenlust grazen. Hij lette goed op hen en telkens weer telde hij ze om te zien of het er nog wel honderd waren. Hij schrok heel erg toen hij er op een keer één miste. Zou hij zich misschien vergist hebben? Weer telde hij. Maar ook dit keer waren het er maar negenennegentig. Er ontbrak er eentje. De herder bedacht zich geen ogenblik en ging meteen op weg om het ene kleine lammetje te zoeken. Steeds verder liep hij van de kudde weg. Telkens riep hij het bij zijn naam. Dan stond het stil en luisterde. Hij moest het vinden voor het donker werd, anders was het verloren. Opeens hoorde hij angstig blaten. Het lammetje was met zijn vacht aan de doornen van een braamstruik blijven hangen. De herder rende naar zijn schaapje toe, bukte zich en tilde het op zijn schouders. Hij droeg het naar de schaapskooi. Daar was het weer veilig en kon het niets meer overkomen.

 

Woordje door de voorganger.

 

Belofte: dialoog met ouders, peter en meter.

 

Voorganger:

Wij komen nu dicht bij het belangrijkste moment: de doop met water. Maar eerst wil ik aan de ouders, peters en meters vragen hun beloften tegenover hun doop- en petekind uit te spreken.

 

Ouders:

Wij, ouders van N. …,

willen een goede papa en een lieve mama zijn.

Wij willen je koesteren in onze liefde.

Wij willen je omringen met tederheid en geborgenheid

zodat je kan uitgroeien tot een fijn mens en andere mensen kan liefhebben.

Wij willen je bijstaan, ook als je het moeilijk hebt.

We willen luisteren naar je zorgen en noden, naar alles wat diep in je leeft.

Wij beloven je te helpen bij het kiezen van een eigen weg.

Wij beloven je groot te brengen in de geest van het evangelie.

(ev. kan hier nog een persoonlijke belofte uitgesproken worden)

 

Peters en meters:

Niet alleen je ouders maar ook wij, als peter en meter,

willen graag meewerken aan het levensgeluk van ons petekind.

Wij vertegenwoordigen de vele mensen die een rol zullen spelen in je leven.

Daarom willen wij beloven

bijzondere belangstelling en zorg aan N… te schenken.

Wij willen van harte meewerken aan haar/zijn levensgeluk, alle dagen van ons leven.

 (ev. kan hier nog een persoonlijke belofte uitgesproken worden)

 

Geloofsbelijdenis( 2 keuzemogelijkheden)

 Catechist:

Elk sacrament is een teken van geloof.

Elk kind kan maar zinvol gedoopt worden

als de volwassenen met wie het samenleeft ook geloven.

Daarom willen we zelf eerst samen ons geloof op een nieuwe wijze uitspreken.

 

Allen:

Ik geloof in God als een kracht,

die aan het begin staat van alle leven.

Hij houdt nu nog alles in stand.

 

Ik geloof in Jezus Christus.

Hij is Gods liefde, voor ons nu zichtbaar.

 

Ik geloof in Gods Geest die wij kunnen ervaren

in zoveel mensen en dingen om ons heen.

 

Maar wij geloven ook dat ons leven de moeite waard is,

dat elke mens enig is en heilig en dat wij door onze manier van leven

deze wereld beter zullen maken, naar het voorbeeld van Jezus Christus.

 

of…

 

Wij geloven niet dat de mens voor droefheid en pijn geboren is.

Wij geloven niet dat God rouw en verdriet op onze wereld wil.

Wij weten dat de mensen zelf dikwijls oorzaak zijn van elkaars verdriet en pijn.

Wij geloven wel dat vreugde en geluk nauw met elkaar verbonden zijn

en dat vreugdevol leven een hele opgave is.

Wij geloven dat God voor iedereen de vreugde wil

langs al de kleine en grote dingen die Hij ons aan elkaar laat geven.

Wij geloven dat vreugde te vinden is in de zon, in de wind, in de vriendschap,

dat je vreugde zoeken kan in een boek, in spel en studie, in muziek en zang,

in genegenheid van zoveel mensen.

Wij geloven dat daarin de vreugde vinden en zoeken, een opgave is voor ons allemaal.

Wij geloven dat alle vreugde ons uiteindelijk bij elkaar moet brengen en dichter bij God,

die een God is van blije en gelukkige mensen.

Wij geloven in de vreugde en in het leven van elke dag.

 

Handoplegging.

 

Catechist:

We drukken nu Gods zorg uit door de handoplegging.

Iemand de hand opleggen is iemand in de eigen kring opnemen, verantwoordelijkheid en zorg delen, alle goeds toewensen en het willen waarmaken, zeggen: “dit kind mag op mij rekenen”.

 

Voorganger:

Daarom vraag ik jullie een hand (of beide handen als een dakje) boven het hoofd van jullie kindje te houden.

 

Goede God, Jezus Christus heeft aan kinderen

de handen opgelegd om te tonen hoe Hij van hen hield en hoe Hij voor ze zorgt.

Gij wilt met ieder op weg gaan en niemand loslaten.

Daarom durven wij samen bidden.

 

Allen:

Heer, onze God,  laat N…. opgroeien in onze soms koude wereld.

Bescherm haar/hem tegen verkeerde invloeden.

Laat haar/hem ervaren dat Gij uw reddende hand nooit terugtrekt.

Geef dat wij allen die aan deze wereld bouwen,  

… voor mogen gaan in alles wat goed is en waar.

Laat haar/hem opgroeien als uw kind,

onbezorgd en blij, het kwade overwinnend door het goede,

onder de hoede van uw machtige hand. Amen.

 

DOOPSEL.

 

Catechist:

Water speelt in ons leven een enorme rol.

Water heeft deze kinderen veilig beschut voor ze geboren werden.

Water drenkt de aarde én maakt vruchtbaar zodat we kunnen eten en drinken.

Zoals de dauwdruppels een nieuwe dag aankondigen, zo doet water herboren worden.

Water is het oersymbool van leven op aarde, van Gods schepping.

 

Voorganger:  N, ouders, meter, peter (per kind) en alle kinderen komen naar voor.

N…, ik doop je in de naam van de Vader, die de levensbron is.

in de naam van de Zoon, die de levensweg is.

in de naam van heilige Geest, die de levensadem is.

 

 

Zalving met olie.

 

Catechist:

Olie, zalf, maakt soepel en krachtig, verzacht, geneest en beschermt.

De zalving met olie is een helend gebaar,

een uitdrukking van bekommernis en tedere zorg,

een gebaar dat soepel wil maken en weerbaar.

Het dringt overal door, zelfs in de hardste gesteenten.

 

Voorganger:

N..,Wees altijd sterk, dat het je goed mag gaan, sta weerbaar in het leven,

leef vanuit die innerlijke kracht je door God gegeven

en wees ook zacht, teder en heilbrengend.

N…, ik zalf je met het heilige chrisma

 

 

Ouders:

Wij willen je zalven met alles wat wij je aan liefde kunnen geven,

opdat je mag opkomen in je leven

voor alles wat jou en de anderen meer mens maakt.

 

Peter en meter, allen:

Moge Jezus’ levenswijze jouw leven goed maken en de moeite waard.

Want ook jij bent geroepen tot liefde.

(iedereen: terug naar zijn plaats)

 

 

Doopkleed.

 

Catechist:

N…, door jullie doopsel zijn jullie nieuwe mensen geworden.

Jullie mama’s en papa’s hebben jullie vandaag een feestkleedje aangetrokken.

Laat dit het teken zijn van allen hier aanwezig om de mooie mens in jullie te helpen ontluiken.

Leef verder met een goed hart, als Jezus, tot vreugde van allen die jou omringen.

 

 

Doopkaars.

 

Catechist:

Vele kinderen zijn bang in het donker.

Daarom laten we ergens een klein lichtje branden.

Zonder licht kan geen mens leven.

Zonder het veilige gevoel dat een licht je de weg wijst, kan je de duisternis niet aan.

Deze doopkaars is een teken van Jezus Christus, het veilige licht in je leven.

(de catechist nodigt iemand van de ouders uit de doopkaars aan de paaskaars aan te steken)

 

Voorganger:

N..,Ontvang deze brandende kaars.

Mogen jullie ouders dit licht brandend houden, opdat Jezus Christus het licht is in het huis waar jij woont, en vrede brengt in je leven, zodat ook jij een licht in de wereld – een vonk van Gods liefde – tussen de mensen mag zijn.

 

Onze Vader.

 

Voorganger:

Beste mensen, N….zijn tot nieuw leven gewekt: zij worden kinderen van God genoemd

en N….mogen God hun Vader noemen.

Laten wij nu, in hun naam, het gebed bidden

dat uzelf van uw ouders en opvoeders hebt geleerd

en dat u op uw beurt aan uw kind zal doorgeven:

het gebed dat allen bidden die in de Vader van Jezus geloven.

 

 

Allen:

Onze Vader die in de hemel zijt,

geheiligd zij uw Naam. Uw Rijk kome.

Uw wil geschiede op aarde als in de hemel.

Geef ons heden ons dagelijks brood.

En vergeef ons onze schulden,

gelijk ook wij vergeven aan onze schuldenaren.

En leid ons niet in bekoring,

maar verlos ons van het kwade. Amen.(doopkaars doven)

 

Voorbeden.

 

Catechist:

Laten we in enkele gebeden voor God brengen wat er leeft in ons hart.

Ook wat niet in woorden kan worden weergegeven.

(In te vullen door de ouders)

 

 

Zegening van de zintuigen. (effetagebed)

(2 mogelijkheden)

Gelezen door iemand van de familie of catechist terwijl de voorganger de zintuigen zegent.

 

We zegenen jouw oogjes,

dat je er mensen graag mee mag zien.

We zegenen jouw oortjes, dat je er veel lieve woorden mee mag horen, maar ook het hulpgeroep van mensen die je nodig hebben.

We zegenen jouw mondje, dat je er woorden van hoop, troost en bemoediging mee mag spreken,

dat je de moed hebt de dingen bij hun naam te noemen, dat je taal eerlijk en mild mag zijn.

We zegenen jouw handjes,

dat ze je leren spelen en knuffelen,

dat ze je leren geven en delen, het beste van jezelf,

dat je de hand mag reiken aan iedereen, en omhelzen die je graag ziet.

We zegenen jouw voetjes, opdat ze gaan naar plaatsen waar je verwacht wordt, maar ook naar plaatsen waar je liever niet gaat, maar waar mensen je nodig hebben.

Dat je sporen de wereld mooier maken.

 

Of

 

Je ogen zijn er voor het licht, voor het groen van de lente,

het wit van de sneeuw, het grijs van de wolken, het blauw van de lucht,

en dat je er veel mensen graag mee zou mogen zien.

Je oren zijn er om lieve woorden te horen,

maar ook het hulpgeroep van mensen die je nodig hebben.

Je mond is er om lief te zijn voor mensen,

voor woorden van hoop, belangstelling en bemoediging en ook voor een gulle lach.

Je handen zijn er om zich te sluiten rond de mensen van wie je houdt,

om te strelen en te genezen, en om het beste van jezelf te geven.

Je voeten zijn er om te gaan naar plaatsen waar je wordt verwacht

en waar lieve mensen je graag zien komen.

Je krijgt een leven boordevol mogelijkheden.

Het is je gegeven, het is een uitdaging.

Maar hoe je ook leeft, hoe je ook groeit, hoe je denkt en hoe je voelt…

geef je leven een eigen kleur, bloei open als een bloem in de zon…

wij geven je liefde om mens te worden.

 

Toewijding aan Maria.(tijdens dit gebed kunnen kinderen een kaarsje bij Maria plaatsen)

 

(ouders bidden samen)

Goede God, met Maria danken wij U

omdat Gij ons blij hebt gemaakt

met de komst van ons kindje.

Schenk ons de kracht en de moed

om het groot te brengen met veel geduld.

Laat onze liefde deze taak van dag tot dag nieuw maken zodat ons kindje gelukkig wordt en een bron van vreugde mag zijn voor U en voor ons.

Dit vragen wij U, gesteund door Maria,

de Moeder van Uw Zoon en onze Moeder. Amen.

 

Allen:

Wees gegroet, Maria, vol van genade, de Heer is met U.

Gezegend zijt gij boven alle vrouwen en gezegend is de vrucht

van uw lichaam, Jezus.

Heilige Maria, moeder Gods, bid voor ons, arme zondaars,

nu en in het uur van onze dood. Amen.

 

voorganger:

Deze kaartjes met de namen N…, mogen nu bij de andere dopelingen opgehangen worden. Met Lichtmis rond 2 februari worden jullie uitgenodigd op een speciale viering samen met alle dopelingen van het voorbije jaar en dan krijgen jullie het bordje/kaartje ook mee naar huis.

 

Zending en zegen.

 

Catechist:

Het zou mooi zijn als je later nog wist hoeveel warmte hier vandaag was,

hoe gelukkig je mama en papa je vasthielden,

hoe vriendelijk de ogen van de familie je volgden.

Het zou fijn zijn als je later nog wist hoe eerlijk je ouders beloofden je nooit in de steek te laten, wat er ook gebeurt.

En hoe trots je meter en peter waren die beloofden mee zorg voor je te dragen.

Het zou mooi zijn als je later nog wist met hoeveel genegenheid alle mensen hier samen het beste met je voorhebben.

Dan hoef je nooit hopeloos te zijn.

 

Voorganger:

Beste ouders, neem met vreugde jullie kindje mee naar huis.

Omring het met de grootste liefde, ook als er een tegenslag opduikt.

Heb elkaar lief door dik en dun.

Bewaar de woorden die je vandaag hoorde diep in je hart en wees gelukkig met elkaar.

Moge God jullie zegenen opdat je elkaar tot zegen mag zijn:

Vader, Zoon en heilige Geest. Amen.

 

Na de viering tekenen de ouders, meter en peter het doopregister. De voorganger schrijft dit doopsel in het meegebrachte trouwboekje of op een meegebracht uittreksel van de geboorteakte.